Stoomproductie

Stoomproductie

Stoom van 465 graden en 60 bar

Na het verbrandingsproces in de vuurhaard van de eerste trek, passeren de rookgassen de overige twee trekken van de ketel. Deze trekken zijn voorzien van membraanwanden waarin warm water wordt opgewarmd tot verzadigde stoom. De warmte komt van het rookgas die daardoor in deze drie trekken afkoelt van 1.100 graden Celcius naar 640 graden Celcius. Na de eerste drie vertikale trekken, passeren de rookgassen in de vierde horizontale trek, totaal zeven stuks warmtewisselaars. Omdat de stoom in de turbine absoluut geen waterdruppels mag bevatten, wordt de stoom in de 4e horizontale trek verder oververhit. Deze oververhitting is tevens van groot belang voor het totale rendement van de installatie. Het rookgas verlaat de ketel uiteindelijk met een temperatuur van 130 graden Celcius.

Het complete ketelontwerp is erop gericht om zoveel mogelijk energie uit het afval in stoom om te zetten. Daarom is gekozen voor een hoge stoomdruk van 60 bar en een temperatuur van 465 graden Celcius. Om deze hoge temperaturen te kunnen weerstaan zijn kritische delen van de ketel voorzien van een hoogwaardige Chroom/Nikkel beschermingslegering.